FASTENAEKENS Gilbert - Bruxelles 2000 - 2278c
Gilbert Fastenaekens (1955) is een Belgische fotograaf die eveneens actief is in video- en beeldende kunst. Hij woont en werkt hoofdzakelijk in Brussel. In 1984 nam hij deel aan de fotografische missie van de Franse overheidsinstelling DATAR, die gericht was op de visuele documentatie en representatie van het veranderende rurale landschap. Twee jaar later, in 1986 ontving hij de Kodakprijs voor fotografische kritiek. Zijn werk is aanwezig in talloze collecties waaronder die van Frac Lorraine (Metz), Le Centre National des Arts Plastiques in Parijs, het FOMU in Antwerpen en het Musée de la Photographie in Charleroi.
In zijn onderzoek naar zowel natuurlijke als stedelijke landschappen verwierf hij al vroeg bekendheid met zijn reeks Nocturnes/Nuits (1980–87): nachtelijke stedelijke beelden, gefotografeerd met een grootformaatcamera, waarin verlaten straten, industriële zones en stedelijke randen een verstilde maar ook beladen aanwezigheid krijgen. In deze nachtelijke opnamen tracht hij te onthullen wat overdag vaak onzichtbaar blijft. Fastenaekens brak hiermee met de toen dominante traditie van de anekdotische reportagefotografie en ontwikkelde een sobere, beschouwende beeldtaal rond stad, territorium en landschap.
Zijn stijl kan worden begrepen als het resultaat van een langdurige reflectie op het kijken zelf, op de ruimten die hij fotografeert en op de transformaties die zich daarin voltrekken. Zijn beelden tonen plaatsen die op het eerste gezicht onopvallend, verlaten of transistoir lijken, maar die door zijn precieze kadrering en verstilde benadering een sterke emotionele intensiteit krijgen.
Bruxelles 2000 – 2278c maakt deel uit van SITE II, een reeks waarin Fastenaekens het veranderende Brusselse straatbeeld onderzoekt. In deze compositie fungeert de monumentale treurwilg als een organisch tegengewicht voor de omringende stedelijke infrastructuur. De boom introduceert een element van traagheid, groei en temporaliteit, dat scherp contrasteert met de statische, anonieme woonblokken die de ruimte begrenzen en de rationaliteit van de stedelijke omgeving belichamen. Op de voorgrond leidt het wandelpad de blik van de toeschouwer de compositie binnen. Het suggereert een mogelijke verbinding tussen beide tegengestelde polen: natuur en stad. Samen met de twee driehoekige grasperkjes structureert het pad de ruimte op mensenmaat. Tegelijk voert het naar de beschuttende, enigszins enigmatische ondergroei van de boom. Door deze compositorische keuzes wordt de menselijke afwezigheid des te tastbaar. In deze overgangszone ontstaat een ambigu domein waarin natuur en stedelijkheid niet louter tegenover elkaar staan, maar elkaar doorkruisen.
Over zijn reeks SITE II zegt Fastenaekens: ‘Het vertrekpunt is een alfabet van simpele, bijna alledaagse vormen. Het gaat om blinde gevels die tegen elkaar aan staan en nooit bedoeld waren om op te vallen. Ze zijn niet ontworpen als architectuur, maar puur functioneel. Omdat ze wachten op een aangrenzend gebouw dat nooit kwam, zijn ze uitgegroeid tot herkenningspunten in de stad. Hun logge aanwezigheid en onverwachte fotografische en sculpturale kracht vormen samen een vaag soort taal. Het zijn fragmenten van zinnen die iets vertellen over stedenbouw en uitnodigen om de stad te ontdekken achter de schermen, van het decor tot het toneel.’
Veerle Soens
- Titel
- Bruxelles 2000 - 2278c
- Datum
- 2004
- Medium
- Inkjetprint
- Editie
- 1/10
- Hoogte
- 109 cm
- Breedte
- 129 cm
- Rechten
- In Copyright