KUCHENMEISTER Rainer - Ohne Titel
Het Duits nationaalsocialisme heeft een enorme impact gehad op het oeuvre van Rainer Küchenmeister (1926-2010). De kunstenaar werd in 1926 in Ahlen geboren en hij begon op vijftienjarige leeftijd te werken als leerling-decoratieschilder. Zijn jeugd werd bruut onderbroken toen zijn ouders door de nazi’s werden gedood en hijzelf van 1942 tot 1945 gevangen werd gehouden in het concentratiekamp Moringen. De angst om als mens te worden gereduceerd tot nummer (hij was nummer 848) vormde een psychologisch motief voor zijn latere drang om niet in vergetelheid te verdwijnen. Provocerend stelde hij zelfs dat hij zijn schilderkunst aan Adolf Hitler had te danken, omdat hij zijn kampervaringen als ‘bittere noodzaak uitbuitte’ voor zijn creatieve expressie. Na de oorlog volgde een gedegen academische vorming in Bielefeld en Berlijn-Weißensee, waarna hij reisde naar onder andere Parijs en Firenze. In 1969 werd Küchenmeister benoemd tot professor aan de kunstacademie in Karlsruhe en werd hij daarenboven lid van de Berlijnse Akademie der Künste.
Zijn werk, bestaande uit schilderijen, aquarellen en tekeningen, bevindt zich op de grens tussen abstracte en figuratieve kunst. Hoewel hij een abstracte vormentaal hanteert, blijft de mens centraal staan. In countouren vallen krachtige symbolen of menselijke figuren te herkennen. Zijn composities worden als ‘streng’, beangstigend en intens ervaren, maar dragen tegelijkertijd ook een vitaliteit uit. De unieke manier waarop Küchenmeister persoonlijk trauma en universele symboliek weet te combineren, heeft hem tot een belangrijkste exponenent van de naoorlogse kunst in Duitsland gemaakt. Küchenmeister nam deel aan Documenta III (1964) in Kassel en hij was te zien op biënnales in onder andere Venetië en São Paulo.
In de tekening (zonder titel) in de collectie Vandenhove vinden we Küchenmeisters typerende afweging terug, waar hij de menselijke figuur reduceert tot een abstract symbool. Kenmerkend is de strakke, bijna monumentale opbouw die direct refereert aan de intense thematiek uit zijn oeuvre: het transformeren van existentiële angst tot een geordende, esthetische vorm. Door het gebruik van sterke kleuren – zwart en koningsblauw – in vetkrijt op papier lijken de twee vormen uit het beeldvlak te treden. Het palet is nochtans sober gehouden, waardoor de nadruk volledig komt te liggen op de contouren en de onderlinge verhoudingen van de elementen. Dit is dan ook de reden voor de keuze voor potlood en vetkrijt: met verf verkrijgt men nooit hetzelfde ‘harde’ resultaat. Met een minimum aan beeldmiddelen slaagt hij er zo in spanning op te roepen die zowel verontrustend als levenslustig oogt.
Fay De Maesschalck
- Titel
- Ohne Titel
- Datum
- 1969
- Medium
- Kleurpotlood en vetkrijt op papier
- Hoogte
- 66,5 cm
- Breedte
- 51,5 cm
- Rechten
- In Copyright